Een werknemer diende een aanvraag in voor twee weken vakantie, die door de werkgever om organisatorische redenen werd geweigerd. De werknemer uitte herhaaldelijk zijn ongenoegen omtrent deze weigering. Vervolgens meldde de werknemer zich ziek, gestaafd door een medisch attest voor een periode van vier weken, die ook de eerder aangevraagde vakantieperiode omvatte.
De werkgever deed een beroep op een controlearts om de arbeidsongeschiktheid van de werknemer te laten controleren. De werknemer was niet aanwezig op zijn domicilieadres toen de controlearts zich aanbood en gaf evenmin gevolg aan diens uitnodiging om zich 's avonds op zijn kabinet aan te bieden.
Daarop verstuurde de werkgever een ingebrekestelling naar de werknemer, waarin de werknemer werd gewezen op zijn verplichting om mee te werken aan zulke controle en werd aangemaand de werkgever te informeren indien hij zich niet op zijn domicilieadres zou bevinden. De ingebrekestelling, die zowel aangetekend als per e-mail werd verstuurd, vermeldde tevens op welke datum de controlearts zich opnieuw zou aanbieden aan het adres van de werknemer. De werknemer werd ook per sms op de hoogte gebracht van de datum van de geplande controle.
De werknemer was opnieuw niet thuis bij deze aangekondigde controle en bood zich evenmin aan op het kabinet van de controlearts, zoals verzocht in de achtergelaten uitnodiging.
De werkgever ging twee dagen later over tot een ontslag om dringende reden. De motiveringsbrief concludeerde dat het gedrag van de werknemer insubordinatie uitmaakt. De brief stelde dat men zich niet van de indruk kon ontdoen dat de werknemer het medisch attest had aangewend om tijdens de gewenste periode toch op vakantie te vertrekken.
De werknemer betwistte dit ontslag om dringende reden en vorderde naast een opzeggingsvergoeding tevens een schadevergoeding wegens discriminatie op basis van zijn gezondheidstoestand. De werknemer argumenteerde dat hij zich niet op zijn gebruikelijke adres bevond, de aangetekende brief bijgevolg niet had ontvangen en door het snelle tijdsverloop in de onmogelijkheid verkeerde om zich alsnog aan een controle te onderwerpen. Hij stelde ook tijdens de "uithuizige week" zijn telefoon niet bij zich te hebben gehad.
Beoordeling arbeidsrechtbank
Volgens de rechtbank rechtvaardigt afwezigheid bij een controle op zich geen ontslag om dringende reden, gelet op de specifieke wettelijke sanctie (met name weigering gewaarborgd loon). Concrete bijkomende omstandigheden kunnen echter wel een ontslag om dringende reden verantwoorden.
Het vonnis stelt vast dat de werknemer de werkgever niet heeft geïnformeerd omtrent zijn gewijzigde verblijfplaats. De werknemer heeft weliswaar het recht om zich buitenshuis te begeven, doch niet om zonder kennisgeving aan de werkgever (minstens) een week uithuizig te zijn. De rechtbank stelt verder vast dat de werkgever alle beschikbare communicatiemiddelen heeft aangewend om de werknemer in kennis te stellen van de navolgende controle en ervan uit kon gaan dat de werknemer hiervan kennis had kunnen nemen.
De arbeidsrechtbank concludeert dat de werknemer zich systematisch aan de gerechtvaardigde controle van de arbeidsongeschiktheid heeft onttrokken. Gezien het wederzijds vertrouwen door dit foutieve gedrag zodanig is geschaad, rechtvaardigt dit een ontslag om dringende reden, zonder opzeggingstermijn of -vergoeding.
Gezien de werknemer geen enkel stuk neerlegt waaruit zou blijken dat het ontslag gebaseerd is op zijn gezondheidstoestand, wordt ook de vordering tot betaling van een schadevergoeding wegens discriminatie afgewezen als zijnde ongegrond.
Bron: Arbeidsrechtbank Antwerpen, afd. Mechelen 2 maart 2026 – AR 24/786/A
Authors:
- Hannelore Mouwen, Associate at Claeys & Engels