06/02/26

Arbeidsrechtelijke versoepeling nachtarbeid: fiscaal kluwen

Het wetsontwerp houdende diverse arbeidsbepalingen van 3 februari 2026 versoepelt de regels inzake nachtarbeid. Voor de BV-vrijstelling nachtarbeid zorgt dit echter voor heel wat onzekerheid zolang een fiscale verduidelijking uitblijft.

Algemeen regime nachtarbeid

Door het wegvallen van het principiële verbod op nachtarbeid, zal het voortaan voor alle ondernemingen mogelijk zijn om arbeid te organiseren tussen 20u en 6u. Voor prestaties in dat tijdsbestek is er in principe een nachtpremie voorzien.

Ondernemingen die voor het eerst nachtarbeid, met nachtprestaties, wensen in te voeren, moeten dit doen via een cao met alle organisaties in de vakbondsafvaardiging, of via een wijziging van het arbeidsreglement.

Soepel regime distributiesector

Specifiek voor werkgevers in de “distributiesector en aanverwante sectoren incl. e-commerce” zijn binnen de nieuwe regeling nachtpremies slechts vereist tussen 23u en 6u – maar dan wel met een wettelijk minimum¹. Met andere woorden: de prestaties tussen 20u en 23u moeten, voor nieuwe werknemers, wettelijk niet meer bijkomend worden vergoed met een nachtpremie.

Een werknemer is ‘nieuw’ als hij in dienst treedt vanaf 1 april 2026. Voor werknemers die al in dienst waren vóór 1 april 2026 verandert er niets: zij behouden de bestaande nachtpremies tussen 20u en 6u. Het volstaat daarbij dat de werknemers tussen 1 april 2025 en 31 maart 2026 al minstens één dag bij dezelfde werkgever waren verbonden (als werknemer of als uitzendkracht). De bestaande werknemers behouden het recht op premies ook tussen 20u en 23u (volgens de bestaande modaliteiten).

Dit regime kan worden ingevoerd via een cao met één representatieve werknemersorganisatie, of via een wijziging van het arbeidsreglement.

Het blijft wel mogelijk om via cao, arbeidsreglement of arbeidsovereenkomst ook voor de uren tussen 20u en 23u een nachtpremie te voorzien voor nieuwe werknemers.

Fiscale aandachtspunten

Voor de BV-vrijstelling nachtarbeid gaat het om prestaties verricht tussen 20u en 6u. Er moet naar aanleiding van de nachtarbeid een nachtpremie worden toegekend van minimaal 12% - en dus is de premie gelinkt aan prestaties verricht tussen 20u en 6u.

De werknemer moet minimaal één derde van zijn arbeidstijd in nachtarbeid hebben gewerkt, met toekenning van een kwalificerende nachtpremie.

Precies bij de invulling van deze twee toepassingsvoorwaarden wringt het schoentje voor de distributiesector. Arbeidsrechtelijk mag je (voor nieuwe werknemers) zonder premie werken tussen 20u en 23u, maar fiscaal is het vandaag nog niet duidelijk hoe dat zal worden beoordeeld.

  • Als je géén premie betaalt voor prestaties tussen 20u en 23u, voor nieuwe werknemers:

Dan kan discussie ontstaan over de fiscale kwalificatie van de nachtpremie. De fiscus zou kunnen stellen dat er fiscaal pas sprake is van een nachtpremie als er ook effectief een premie gekoppeld is voor alle uren tussen 20u en 6u. Op basis hiervan zou de fiscus de volledige vrijstelling kunnen verwerpen.

Het wordt nog ingewikkelder als de nachtshift wordt gezien als een nachtploeg voor de BV-vrijstelling voor ploegenarbeid. In dat geval krijgen nieuwe werknemers in de nachtploeg mogelijk niet voor elk gewerkt uur een ploegenpremie. Daardoor kunnen discussies ontstaan over het volledig weigeren van de vrijstelling voor ploegenarbeid.

  • Als je wél een premie betaalt voor prestaties tussen 20u en 6u, ook voor nieuwe werknemers:

Als de bestaande fiscale definitie van nachtarbeid behouden blijft, dan zorgt deze optie fiscaal voor meer zekerheid: alle uren tussen 20u en 6u met een kwalificerende nachtpremie komen dan in aanmerking.

Het regeerakkoord voorziet dat bekeken zal worden of de vrijstelling voor nachtarbeid moet worden aangepast in functie van de arbeidsrechtelijke wijzigingen. Een initiatief dringt zich dus op om ondernemingen in de distributiesector de nodige rechtszekerheid te bieden. Zoniet dreigen de arbeidsrechtelijke versoepelingen hun effect te missen.

Bron: Kamer DOC 56 1324/001.

¹Voor 2026: 1,51 EUR per uur; 1,82 EUR per uur voor werknemers vanaf 50 jaar.

Auteurs:
Daan Buylaert
, Partner Tiberghien
Charlotte Meskens, Senior Associate Tiberghien
Gauthier Vandenbossche, Scientific Advisor Tiberghien

dotted_texture