19/05/26

Geen verplichting om meerwaarden van cliënten aan fiscus te melden

Nieuwe wet inzake belasting van meerwaarden op effecten: geen verplichting om meerwaarden van cliënten aan fiscus te melden

De wet van 6 april 2026 tot invoering van een belasting op meerwaarden op financiële activa voert een meldingsplicht in het Wetboek van inkomstenbelastingen in ten aanzien van de fiscale administratie voor bepaalde verrichtingen die interne of aanzienlijke meerwaarden genereren. Er wordt evenwel geen enkele nieuwe verplichting opgelegd aan advocaten. Dat blijkt uit onze analyse van §4 van artikel 326bis.

De wet van 6 april 2026 tot invoering van een belasting op meerwaarden op financiële activa werd gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 21 april 2026. Deze wet voert een nieuw artikel 326bis in het Wetboek van inkomstenbelastingen (WIB 92) in.

Het nieuwe artikel 326bis van het WIB 92 voorziet in een meldingsplicht ten aanzien van de fiscale administratie voor bepaalde verrichtingen die interne of aanzienlijke meerwaarden genereren. Deze verplichting rust op alle personen die dergelijke verrichtingen bedenken, aanbieden, opzetten, beschikbaar maken voor implementatie of de implementatie ervan beheren.

Artikel 326bis §2, 4° viseert de personen die ingeschreven zijn bij een beroepsorganisatie die verband houdt met het verstrekken van juridische, fiscale of adviesdiensten in België. Dit zijn in principe advocaten, bedrijfsrevisoren en elke fiscale adviseur.

Er wordt evenwel geen enkele nieuwe verplichting opgelegd aan advocaten. Dat is de conclusie die voortvloeit uit de analyse van §4 van artikel 326bis.

Uitzondering met betrekking tot het beroepsgeheim

De vierde paragraaf van artikel 326bis behandelt het geval waarin meerdere personen betrokken zijn bij dezelfde verrichting en in beginsel allemaal onderworpen zijn aan de meldingsplicht.

Een persoon is vrijgesteld van de meldingsplicht als hij een schriftelijk bewijs kan voorleggen dat een andere persoon de inlichtingen reeds heeft verstrekt.

Artikel 326bis, §4, laatste lid, preciseert dat wanneer een persoon, die onderworpen is aan de meldingsplicht en die geen advocaat is, gebonden is door een beroepsgeheim, hij de andere betrokkene partijen schriftelijk en met opgave van redenen op de hoogte moet brengen van zijn onmogelijkheid om aan de meldingsplicht te voldoen, zodat de meldingsplicht automatisch komt te rusten op de andere betrokken persoon.

In de memorie van toelichting wordt ook benadrukt dat "de meldingsplicht niet geldt voor advocaten in strikte zin" (Parl. Doc., kamer, 56, 1244/001, p. 76).

Uitsluiting van advocaten van het toepassingsgebied van de verplichting om de meerwaarden van hun cliënten aan de fiscus te melden

Bijgevolg creëert artikel 326bis in de praktijk geen enkele verplichting voor advocaten met betrekking tot de meerwaarden van hun cliënten: advocaten zijn niet verplicht om inlichtingen te verstrekken aan de fiscale administratie, noch om andere betrokken partijen te informeren, noch om deel te nemen aan een mechanisme om de meldingsplicht door te schuiven.

Niet alleen zijn advocaten niet verplicht te melden, omwille van hun beroepsgeheim mogen ze ook niet melden.

Een oplossing in overeenstemming met het recht van de Europese Unie

Deze uitsluiting sluit aan bij de recente rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie (HvJEU, 8 december 2022, zaak C-694/20; 29 juli 2024, zaak C-623/22).

In die zaken heeft het Hof het beroepsgeheim van advocaten sterker beschermd dan dat van andere beroepsbeoefenaars die, hoewel zij bevoegd zijn om belastingplichtigen in rechte te vertegenwoordigen, geen advocaat zijn in de strikte zin van het woord (namelijk in de zin van Richtlijn 98/5/EG betreffende de vergemakkelijking van de permanente uitoefening van het beroep van advocaat in een andere lidstaat dan die waar de beroepskwalificatie is verworven).

In deze materie heeft de Belgische wetgever aan deze vereisten voldaan door het beroepsgeheim van advocaten volledig te vrijwaren.

De OVB en Avocats.be benadrukken gezamenlijk dat advocaten, gelet op hun beroepsgeheim, geen enkele melding kunnen doen over meerwaarden. Artikel 326bis WIB bevestigt dit impliciet, maar zonder enige ambiguïteit.

Auteur: Nele Staessens (Directeur studiedienst en deontologie, OVB)

dotted_texture