24/02/26

Bid rigging: Winnen door (samen) te verliezen?

Stel je voor…

Je werkt voor een groot Europees evenementenbureau en bereidt een offerte voor op een belangrijke aanbesteding van de Europese Commissie. Op een vakbeurs vertelt een kennis die bij een concurrerend bedrijf werkt dat hij verwacht dat enkel jullie twee bedrijven in staat zijn om in te schrijven op deze aanbesteding. Hij stelt een "oplossing" voor: slechts één van jullie dient een offerte in en geeft daarna een deel van het project in onderaanneming aan de andere. Zo kunnen beide bedrijven genieten van de aanbesteding.

Je belt onmiddellijk je externe juridisch adviseur, die je zegt dat je het gesprek meteen moet beëindigen, het voorstel duidelijk moet afwijzen en verdere discussie erover moet vermijden.

Je vraagt je af waarom je juridisch adviseur zo scherp reageerde. Wat is er immers mis met samenwerken met een concurrent aan een groot project?

Even verduidelijken. 

Wat je kennis voorstelde, was in realiteit geen eenvoudige en legitieme samenwerking. Het was een vorm van “bid rigging” of aanbestedingsvervalsing. Dit is een praktijk waarbij concurrenten samenspannen om de uitkomst van openbare of particuliere aanbestedingen vooraf te bepalen.

Aanbestedingsvervalsing komt in verschillende vormen voor:

  • Niet-indienen of intrekken van offertes: waarbij de ene kandidaat met de andere afspreekt om geen offerte in te dienen voor een bepaalde aanbesteding.
  • Dekmantelbieding: waarbij de ene kandidaat met de andere afspreekt om een kunstmatig hoge offerte in te dienen (een zogenaamde dekmantelofferte); en
  • Rotatie van offertes: waarbij kandidaten vooraf afspreken om geen offerte in te dienen of om alleen kunstmatig hoge offertes om de beurt in te dienen, zodat elke partij een aantal contracten van vergelijkbare waarde krijgt.

Aanbestedingsvervalsing neemt de strategische onzekerheid weg die ervoor zorgt dat biedende partijen concurrerende offertes indienen voor aanbestedingen. Doordat andere bedrijven niet echt zullen proberen te concurreren voor een aanbesteding, weet een kandidaat dat hij zijn prijzen kan opdrijven en toch de aanbesteding kan winnen.

Aanbestedingsvervalsing is illegaal volgens het EU-mededingingsrecht. Bedrijven die schuldig worden bevonden kunnen een boete krijgen van maximaal 10% van hun wereldwijde omzet. Aanbestedingsvervalsing is ook strafbaar in sommige Europese landen, waaronder België, Duitsland en Frankrijk.

Zowel de Europese Commissie als de nationale mededingingsautoriteiten hebben in het verleden hoge boetes opgelegd voor aanbestedingsvervalsing. Een opvallend voorbeeld zijn de boetes die de Commissie heeft opgelegd aan bedrijven die liften en roltrappen produceerden (in totaal 992 miljoen euro), of recent de boetes die de Belgische Mededingingsautoriteit ('BMA') heeft opgelegd aan bedrijven die actief zijn in de persdistributiesector (in totaal 12 miljoen euro).

Meerdere nationale mededingingsautoriteiten hebben duidelijk aangegeven dat zij aanzienlijke middelen zullen blijven inzetten om aanbestedingsvervalsing te bestrijden. In lijn hiermee heeft de BMA onlangs een Ontwerpgids gepubliceerd om de mededinging bij overheidsopdrachten te stimuleren en concurrentievervalsing te voorkomen. De BMA heeft een publieke raadpleging over deze ontwerpgids geopend. Belanghebbenden kunnen tot 28 februari 2026 hun bijdragen indienen.

Wat betekent dit nu voor het grote evenementenbureau uit onze inleiding? Betekent dit dat elke samenwerking met een concurrent in het kader van een aanbesteding verboden is?

Nee. Concurrenten mogen, onder strikte mededingingsrechtelijke voorwaarden en waarborgen, een consortium vormen of een gezamenlijke offerte indienen voor een specifieke aanbesteding. Een aanbieder mag ook een deel van zijn verantwoordelijkheden uitbesteden aan een concurrent. Deze praktijken moeten echter beperkt blijven tot gevallen waarin de betrokken ondernemingen daadwerkelijk complementaire capaciteiten bundelen om een project uit te voeren dat zij realistisch gezien niet alleen zouden kunnen uitvoeren, omwille van de omvang en de capaciteiten van de onderneming, het niveau van het financiële risico en het niveau van de voor het project vereiste investeringen. Bedrijven die overwegen om met een concurrent samen te werken in het kader van een aanbesteding, moeten zich vergewissen dat deze samenwerking onmisbaar is en niet kan worden gezien als een afspraak om de uitkomst van de aanbesteding vooraf te bepalen. Het delen van informatie tussen leden van een consortium of een aanbieder en een onderaannemer moet ook beperkt blijven tot wat noodzakelijk is voor het project en tot de werknemers die er rechtstreeks bij betrokken zijn (need-to-know basis).

Bedrijven die regelmatig deelnemen aan aanbestedingsprocedures doen er goed aan om de betrokken teams te trainen in de valkuilen die vanuit mededingingsrechtelijk oogpunt moeten worden vermeden. Als je vermoedt dat je bedrijf betrokken is geweest bij een mogelijk geval van aanbestedingsvervalsing, of als een concurrent je heeft benaderd met een voorstel om samen te werken in het kader van een aanbesteding, raadpleeg dan onmiddellijk een juridisch adviseur om duidelijkheid te krijgen over de te nemen stappen.  

Concreet.

  • Neem onafhankelijk van concurrenten deel aan aanbestedingen.
  • Werk alleen samen met concurrenten als je onderneming realistisch gezien niet in staat is om individueel deel te nemen aan een aanbestedingsprocedure en beperk het delen van informatie tot de werknemers die bij het aanbestedingsproject betrokken zijn (need-to-know-beginsel) en tot de informatie die voor dit proces noodzakelijk is (noodzakelijkheidsbeginsel).
  • Leid relevante teams op over de risico's van aanbestedingsvervalsing en verboden praktijken. 
  • Neem contact op met een juridisch adviseur wanneer je samenwerking overweegt of wanneer je vermoedt dat mogelijk sprake is van aanbestedingsvervalsing.
dotted_texture