Op 5 mei 2026 heeft de Raad van de Europese Unie aangekondigd dat een voorlopig akkoord werd bereikt over nieuwe regels om de aanpak van btw-fraude aan te scherpen. De voorgestelde hervorming moet de samenwerking tussen de lidstaten, het Europees Openbaar Ministerie (EOM) en het Europees Bureau voor fraudebestrijding (OLAF) aanzienlijk versterken.
De hervorming kadert in de bredere Europese strijd tegen grensoverschrijdende btw-carrouselfraude, die volgens schattingen van de Europese Commissie jaarlijks aanleiding geeft tot een verlies van tussen 12,5 miljard en 32,8 miljard euro aan belastinginkomsten binnen de EU. Dergelijke fraude wordt vaak gepleegd door georganiseerde criminele netwerken.
Ruimere toegang tot btw-gegevens
Concreet zullen het EOM en OLAF een meer rechtstreekse en gecentraliseerde toegang krijgen tot bepaalde btw-gegevens met betrekking tot intracommunautaire transacties. Het gaat onder meer om gegevens uit VIES (systeem voor uitwisseling btw-informatie), IOSS (het éénloketsysteem voor invoer), CESOP (Centraal Elektronisch Systeem voor Betalingsinformatie) en Eurofisc (het Europese netwerk voor de bestrijding van btw-fraude), waaronder informatie over btw-identificatienummers, intracommunautaire leveringen, btw-vrijgestelde invoertransacties en bepaalde betalingsgegevens.
Daarnaast zal Eurofisc in specifieke gevallen eigen analyseverslagen over vermoedelijke grensoverschrijdende fraudemechanismen spontaan moeten delen met OLAF en het EOM.
De Europese wetgever wil hiermee een duidelijke wettelijke basis creëren voor de uitwisseling van informatie en de toegang tot btw-gegevens op EU-niveau, teneinde grensoverschrijdende btw-fraude efficiënter op te sporen en te bestrijden. Daarbij wordt ingezet op een gecentraliseerd systeem van gerichte toegang via één enkel toegangspunt, zonder dat dit aanleiding mag geven tot willekeurig of algemeen toezicht op btw-gegevens of tot zogenaamde 'fishing expeditions'.
Versterkte samenwerking tussen OLAF en het EOM
Hoewel OLAF en het EOM nauw samenwerken, vervullen zij elk een eigen rol. Het EOM is bevoegd voor strafrechtelijke onderzoeken en vervolgingen inzake misdrijven die de financiële belangen van de EU schaden, waaronder ernstige grensoverschrijdende btw-fraude waarbij de totale schade minstens EUR 10 miljoen bedraagt.
OLAF ressorteert onder de Europese Commissie en blijft daarentegen een administratieve onderzoeksdienst die fraude, corruptie en andere onregelmatigheden onderzoekt die de EU-begroting raken. OLAF beschikt niet over strafrechtelijke vervolgingsbevoegdheden, maar kan na afloop van een onderzoek wel financiële, administratieve, disciplinaire of gerechtelijke aanbevelingen formuleren aan de bevoegde Europese of nationale autoriteiten.
Sinds de oprichting van het EOM is de verhouding tussen beide instellingen uitdrukkelijk gebaseerd op complementariteit, informatie-uitwisseling en het vermijden van dubbele onderzoeken.
Toenemende rol van het EOM
In de praktijk is duidelijk merkbaar dat het EOM een steeds actievere rol opneemt in omvangrijke btw-fraudeonderzoeken (net zoals omvangrijke douane-fraudeonderzoeken) binnen de EU. Deze evolutie bevestigt de duidelijke tendens naar een meer gecentraliseerde Europese fraudebestrijding op strafrechtelijk vlak.
De groeiende rol van het EOM roept evenwel ook belangrijke vragen op over de verhouding tussen het EOM, de nationale parketten en de fiscale administraties van de lidstaten. In België bestaat bijvoorbeeld nog steeds onduidelijkheid over verschillende procedurele aspecten van de samenwerking tussen het EOM en de nationale autoriteiten, onder meer inzake de bevoegdheidsafbakening en de concrete toepassing van procedurele waarborgen tijdens strafonderzoeken. Tegen die achtergrond wordt op heden op Belgisch niveau gewerkt aan bijkomende wetgevende initiatieven om bepaalde procedurele regels en samenwerkingsmodaliteiten met het EOM verder te verduidelijken.
Bijkomende waarborgen inzake gegevensbescherming
De compromistekst bevat in dat verband verschillende bijkomende waarborgen inzake gegevensbescherming, proportionaliteit, auditlogging van toegangen en toezicht op het gebruik van de gegevens. Enkel specifiek gemachtigde medewerkers van het EOM en OLAF zullen toegang krijgen tot de betrokken databanken. Daarmee wil de Europese wetgever vermijden dat de hervorming aanleiding zou geven tot algemene gegevensmonitoring of disproportionele gegevensverwerking.
Verdere procedure en timing
Uit de door de Raad gepubliceerde compromistekst blijkt dat momenteel een ontwerpverordening voorligt tot wijziging van Verordening (EU) nr. 904/2010 betreffende de administratieve samenwerking en de bestrijding van btw-fraude. Voor de definitieve aanneming van de tekst is evenwel nog het advies van het Europees Parlement vereist. Dat advies wordt verwacht in juli 2026, waarna de Raad de verordening formeel kan aannemen. Sommige bepalingen zouden reeds vanaf september 2026 in werking kunnen treden, terwijl andere — met name deze die verband houden met het centrale VIES-systeem — pas vanaf juli 2030 van toepassing zullen worden.
Naar een meer geïntegreerde Europese handhaving
Opmerkelijk is dat deze btw-hervorming nauw aansluit bij het recente akkoord tussen de Raad en het Europees Parlement over een nieuw Europees douanekader, waarin eveneens sterk wordt ingezet op een versterkte informatie-uitwisseling en samenwerking tussen nationale autoriteiten, OLAF en het EOM. Beide initiatieven wijzen duidelijk op een tendens naar een meer geïntegreerde Europese fraudebestrijding, waarbij gegevensdeling, gecentraliseerde toegang tot informatie en nauwere samenwerking tussen Europese en nationale handhavingsinstanties centraal staan.
De recente praktijkontwikkelingen en wetgevende initiatieven tonen aan dat ondernemingen die actief zijn in grensoverschrijdende handel steeds vaker geconfronteerd zullen worden met een doorgedreven Europese gegevensuitwisseling en een intensere samenwerking tussen fiscale, administratieve en strafrechtelijke autoriteiten op nationaal en Europees niveau.
Auteurs: Stijn Vastmans (Partner Gent), Ana Laura Claes (Senior Associate Antwerpen), Femke Van Duyse (Associate Gent), Diana Rjabynina (Associate Brussel).