19/04/19

Nieuwe EETS-Richtlijn treedt op 18 april 2019 in werking

Op 18 april 2019 treedt de nieuwe Richtlijn (EU) 2019/520 van het Europees Parlement en de Raad van 19 maart 2019 "betreffende de interoperabiliteit van elektronische tolheffingssystemen voor het wegverkeer en ter facilitering van de grensoverschrijdende uitwisseling van informatie over niet-betaling van wegentol in de Unie" in werking.

De Richtlijn wordt gemeenzaam de "EETS-Richtlijn" genoemd, waarbij EETS staat voor European Electronic Toll Service of Europese Elektronische Tolheffingsdienst. De Richtlijn moet door de lidstaten van de Europese Unie (EU) uiterlijk op 19 oktober 2021 worden omgezet in nationaal recht en trekt de huidige EETS-Richtlijn 2004/52/EG in met ingang van die datum.

De nieuwe Richtlijn wijzigt en verduidelijkt vooral de bepalingen met betrekking tot:

  • de rechten en plichten van de EETS-aanbieders (dit zijn de dienstverleners die elektronische tolheffingsdiensten verrichten voor de EETS-gebruikers, die de heffingsplichtigen zijn), met een versoepeling van de regels voor het recht op toegang tot de EETS-gebieden (dit zijn de tolgebieden) om elektronische tolheffingsdiensten te verlenen en een precisering van de regels met betrekking tot de vergoeding waarop zij aanspraak kunnen maken; en
  • de verplichtingen van tolheffers, meer bepaald een uitgebreidere transparantieverplichting ten aanzien van de EETS-aanbieders en de EETS-gebruikers.

Verder voert de Richtlijn een systeem in voor de uitwisseling van informatie tussen lidstaten met het oog op identificatie van de heffingsplichtige en het heffingsplichtig voertuig in geval van niet-betaling van het tolgeld.

De toegang van de EETS-aanbieders tot de tolgebieden en hun vergoeding

Momenteel moeten de EETS-aanbieders alle elektronische toldomeinen in de EU bedienen. Dit is in de praktijk niet realistisch en zeer duur, terwijl de gebruikers – die hier uiteindelijk voor betalen – geen baat hebben bij een volledige gebiedsdekking.

De nieuwe Richtlijn laat een beperktere gebiedsdekking toe.

De EETS-aanbieders zullen binnen een termijn van 24 maanden na hun registratie en na sluiting van de eerste overeenkomst met een tolheffer, overeenkomsten moeten sluiten met de tolheffer(s) voor alle EETS-gebieden in een bepaalde lidstaat. Binnen een termijn van 36 maanden zullen de EETS-aanbieders overeenkomsten moeten sluiten met de tolheffer(s)voor alle EETS-gebieden op het grondgebied van ten minste vier lidstaten. Bovendien moeten zij informatie bekendmaken over de EETS-gebieden die zij bestrijken en over het beleid dat zij toepassen wanneer ze overeenkomsten sluiten met de heffingsplichtigen.

De huidige EETS-Richtlijn (2004/52/EG) en EETS-Beschikking (2009/750/EG) bevatten geen afzonderlijke bepalingen met betrekking tot de vergoeding waarop de EETS-aanbieders aanspraak zouden kunnen maken. De vergoeding komt slechts impliciet ter sprake. Enerzijds is dat het geval in de bepaling met betrekking tot de bemiddelende instantie, die bevoegd is om te onderzoeken of de contractuele voorwaarden die door een tolheffer aan de verschillende EETS-aanbieders worden opgelegd niet-discriminerend zijn en de kosten en risico's van partijen op rechtvaardige wijze weerspiegelen. Anderzijds bepaalt Bijlage IV bij de EETS-Beschikking de inhoud van de EETS-gebiedsverklaringen, waaronder de commerciële voorwaarden en dus ook de vergoedingsvoorwaarden.

De nieuwe Richtlijn voorziet in een afzonderlijke bepaling een uitdrukkelijk recht op vergoeding voor de EETS-aanbieder vanwege de tolheffer. Daarbij moet rekening worden gehouden met de volgende principes:

  • De methode om de vergoeding te bepalen moet transparant, niet-discriminerend en identiek zijn voor alle EETS-aanbieders die voor een bepaald EETS-gebied zijn geaccrediteerd. Ze moet in de EETS-gebiedsverklaring worden bekendgemaakt als onderdeel van de commerciële voorwaarden.
  • De methode voor de berekening van de vergoeding moet dezelfde structuur hebben als voor de vergoeding die in het EETS-gebied wordt betaald voor vergelijkbare diensten die worden aangeboden door de hoofddienstaanbieder.
  • Een onderscheid mag alleen worden gemaakt (1) voor de kosten in verband met specifieke eisen en verplichtingen die de hoofddienstaanbieder heeft en de EETS-aanbieders niet, en (2) vanwege de noodzaak om van de vergoeding de vaste kosten af te trekken die door de tolheffer worden opgelegd op grond van de kosten die hij maakt door in zijn tolgebied een EETS-conform systeem beschikbaar te stellen, te bedienen en te onderhouden, met inbegrip van de accreditatiekosten, wanneer die niet in het tolgeld zijn opgenomen.

De transparantieplicht ten aanzien van de EETS-gebruikers en EETS-aanbieders

Naast de hierboven vermelde transparantie op het vlak van de vergoeding van de EETS-aanbieders, moeten ook alle restituties van of kortingen op tolgelden die door een lidstaat of een tolheffer worden aangeboden aan gebruikers van boordapparatuur transparant zijn en publiek bekendgemaakt worden. Zij moeten bovendien onder dezelfde voorwaarden beschikbaar zijn voor klanten van EETS-aanbieders.

De EETS-gebiedsverklaring en de aanpassingen ervan moeten tijdig genoeg bekendgemaakt worden om de geaccrediteerde EETS-aanbieders in staat te stellen om hun interoperabiliteitsonderdelen aan te passen aan de (nieuwe) vereisten en om hen uiterlijk een maand voor de operationele start van het (gewijzigde) systeem (opnieuw) te kunnen accrediteren.

De beslissingen van een lidstaat of een tolheffer met betrekking tot onder meer de beoordeling van de conformiteit met de specificaties of de geschiktheid voor gebruik van de interoperabiliteitsonderdelen moeten worden gemotiveerd. Ze moeten zo spoedig mogelijk ter kennis worden gebracht van de betrokken fabrikant en EETS-aanbieder of hun gemachtigden, met vermelding van de mogelijke rechtsmiddelen en de termijnen om deze in te stellen.

Procedure voor de uitwisseling van informatie tussen lidstaten

Elke lidstaat moet een nationaal contactpunt aanduiden dat toegang heeft tot de nationale registratiegegevens met betrekking tot de voertuigen, en de eigenaars of houders ervan, zodat zij kunnen worden geïdentificeerd wanneer de wegentol niet wordt betaald.

De uitwisseling van informatie tussen lidstaten mag enkel tussen die nationale contactpunten plaatsvinden en geschiedt aan de hand van de softwaretoepassing Eucaris (Europees voertuig- en rijbewijsinformatiesysteem) en gewijzigde versies van die software.

De lidstaat op wiens grondgebied een geval van niet-betaling van wegentol heeft plaatsgevonden, gebruikt de verkregen gegevens enkel om vast te stellen wie voor de niet-betaling aansprakelijk is en beslist om al dan niet een afhandelingsprocedure in te stellen. Zij moet de geïdentificeerde eigenaar of houder van het voertuig verdacht van de niet-betaling van de wegentol, van die beslissing in kennis stellen en de juridische gevolgen daarvan volgens haar nationaal recht melden.

Diversen

De bepalingen met betrekking tot de gebruikte technologie (satellietpositionering, mobiele communicatie en 5,8 GHz-microgolftechnologie) en deze met betrekking tot de bemiddelende instantie zijn in essentie niet gewijzigd. EETS-aanbieders krijgen toestemming om tot 31 december 2027 gebruikers van lichte voertuigen van boordapparatuur te voorzien die alleen geschikt is voor gebruik met 5,8 GHz-microgolftechnologie, maar de lidstaten mogen op satelliet of mobiele communicatie gebaseerde tolheffingssystemen voor lichte voertuigen implementeren.

Ook de bepalingen met betrekking tot de tolgebiedsverklaring blijven in essentie ongewijzigd. De Commissie zal uiterlijk op 19 oktober 2019 nog uitvoeringshandelingen vaststellen om de minimuminhoud van de EETS-gebiedsverklaring te bepalen, waaronder:

  • de bepalingen met betrekking tot de vaste kosten die worden opgelegd aan de EETS-aanbieders en die gebaseerd zijn op de kosten die de tolheffer maakt om een EETS-conform systeem beschikbaar te stellen, te bedienen en te onderhouden (voor zover ze niet via het tolgeld worden doorgerekend aan de gebruiker), de accreditatiekosten en de (bank)waarborg die de EETS-aanbieder moet verschaffen;
  • de procedurele voorwaarden, met inbegrip van commerciële voorwaarden, en dus de vergoeding van de EETS-aanbieder;
  • de procedure voor de accreditatie van EETS-aanbieders; en
  • de tolcontextgegevens.

Alain François
alain.francois@eubelius.com

Rosita Geelen
rosita.geelen@eubelius.com

Maxime Verheyden
axime.verheyden@eubelius.com

dotted_texture