22/10/21

De effectentaks (JTER): de langverwachte administratieve verduidelijkingen

Op 8 oktober 2021 verscheen de circulaire van de Centrale Administratie die de jaarlijkse effectentaks (JTER) verder preciseert én zelfs uitbreidt. De JTER is reeds in werking getreden op 26 februari 2021. Het is dus redelijk om te zeggen dat deze administratieve verduidelijkingen rijkelijk te laat komen.

Maar wat houdt deze effectentaks nu weer precies in én meer belangrijk, welke gevolgen heeft de nieuwe circulaire voor uw vermogen? In dit artikel bezorgen wij u een beknopt overzicht van de berekeningswijze en alle nieuwigheden rond de effectentaks.

1. Wat is de JTER en wie moet de taks betalen?

De JTER betreft een jaarlijkse belasting van 0,15% op de waarde van een welbepaalde effectenrekening indien deze meer bedraagt dan 1 miljoen euro.

De Belgische fiscus kijkt daarbij niet naar uw globale vermogen, maar kijkt naar elke effectenrekening als een apart belastbaar voorwerp. Indien u over meerdere effectenrekeningen beschikt, hoeven deze dus niet opgeteld te worden. Maar let op ! De wetgever heeft via antimisbruikbepalingen geanticipeerd op de mogelijkheid dat belastingplichtigen hun effectenrekeningen zouden splitsen, of andere technieken zouden gebruiken, om onder het drempelbedrag van 1 miljoen euro te vallen.

De JTER kijkt dus naar de effectenrekeningen als dusdanig waardoor het geen rol speelt door wie de effectenrekening wordt aangehouden. De titularis van een effectenrekening kan aldus een natuurlijke persoon, rechtspersoon of een oprichter van een juridische constructie (in de zin van de kaaimantaks), dochterconstructie, moederconstructie of ketenconstructie zijn. Onder “oprichter” wordt niet alleen de natuurlijke persoon of de rechtspersoon verstaan die de constructie heeft opricht, die de aandelen ervan bezit of die er goederen en rechten in heeft ondergebracht, maar ook de natuurlijke personen die direct of indirect erfgenaam zijn van deze voorgaande personen en die dus voordeel zullen halen uit deze constructie. Ook die laatste categorie dient zich bijgevolg bewust te zijn van zijn/haar verplichtingen.

De JTER houdt bovendien ook geen rekening met de aard van de juridische rechten. Het speelt geen rol of een effectenrekening één, vijf dan wel tien titularissen heeft, evenmin of de titularissen volle eigenaar, naakte eigenaar of vruchtgebruiker zijn. Wanneer de effectenrekening in onverdeelde of gesplitste eigendom toebehoort aan verschillende titularissen, behandelt men de effectenrekening als één rekening, waardoor er dus geen opsplitsing gemaakt mag worden over de verschillende hoofden.

Met andere woorden, als een effectenrekening wordt aangehouden door de vader in vruchtgebruik en de dochter in blote eigendom, kwalificeren beide personen als titularis voor de toepassing van de JTER.

2. Toepassingsgebied JTR: belastbare financiële instrumenten

De effectentaks had al een ruim toepassingsgebied, maar de nieuwe circulaire breidt deze impliciet nog verder uit. Om te berekenen of de waarde van de effectenrekening al dan niet de grens van 1 miljoen euro overschrijdt, dient volgens de wettelijke definitie rekening gehouden te worden met alle financiële instrumenten en geldmiddelen, die worden aangehouden op de effectenrekening. Dit wil zeggen dat niet enkel aandelen en obligaties in aanmerking komen, maar ook afgeleide producten zoals bijvoorbeeld turbo’s, speeders en trackers, en het geldsaldo zelf.

De volgende vraag stelde zich: Wat met een geldrekening gekoppeld aan een effectenrekening, de zogenaamde geldsubrekening? Uit het standpunt van de Minister van Financiën en de FAQ van de Administratie volgt dat indien de sub-rekening de eigenschappen heeft van een zichtrekening dit geldsaldo niet moet worden bijgevoegd bij de waarde van de effectenrekening.
Daarnaast gaf de Centrale Administratie expliciet in haar circulaire aan dat de JTER het medium “effectenrekening” viseert, ongeacht de aard van de instrumenten die erop worden aangehouden. Dus ook niet-verhandelbare financiële producten, financiële instrumenten op naam of contracten inzake afgeleide instrumenten op naam vallen dus onder de toepassing van de JTER, voor zover deze worden aangehouden op een effectenrekening.

3. Berekeningswijze JTER

Voor de berekening van de effectentaks kijkt men naar de gemiddelde waarde die op de effectenrekening staat gedurende de referentieperiode. De referentieperiode loopt telkens van 1 oktober tot 30 september en binnen deze referentieperiode kijkt men naar vier referentietijdstippen(31/12, 31/03, 30/06 en 30/09). De eerste referentieperiode liep dus reeds af op 30 september 2021. De belastbare grondslag wordt vervolgens berekend aan de hand van de gemiddelde waarde van de effectenrekening op deze 4 referentietijdstippen.

Wanneer de gemiddelde waarde meer bedraagt dan 1 miljoen euro, is de taks verschuldigd en wordt de belasting van 0,15% geheven op het volledige bedrag, en dus niet alleen op de schijf boven 1 miljoen euro.

3. Praktisch

Wanneer de effectenrekening wordt aangehouden bij een Belgische tussenpersoon staat deze laatste in voor de inhouding, de aangifte en de betaling van de taks.

Wanneer de effectenrekening wordt aangehouden in het buitenland bij een niet in België opgerichte of gevestigde tussenpersoon die geen aansprakelijke vertegenwoordiger heeft aangesteld (of indien deze zijn verplichtingen niet naleeft) zal u in principe zelf de aangifte moeten doen en de taks betalen, tenzij u kan bewijzen dat de buitenlandse bank of de verzekeraar het nodige heeft gedaan.

Indien een effectenrekening wordt aangehouden door meerdere titularissen, blijven alle titularissen onderworpen aan de aangifteverplichting en blijven zij allen hoofdelijk gehouden tot betaling van de taks, boetes en interesten. Het is wel mogelijk dat één titularis de aangifte indient voor alle titularissen.

Wacht zeker niet tot de laatste dag om uw betaling uit te voeren. Wanneer de taks niet binnen de wettelijke termijn is betaald is een nalatigheidsinterest van maar liefst 7% verschuldigd.

dotted_texture