31/12/11

Afstand van de beschermingsvergoeding: de controverse is beslecht.

Met het arrest van het Hof van Cassatie van 16 mei 2011 (S.10.0093.N) wordt eindelijk een einde gesteld aan de controverse omtrent de mogelijkheid van de beschermde werknemer om afstand te doen van de beschermingsvergoeding na ontslag.

Een personeelsafgevaardigde of een kandidaat-personeelsafgevaardigde kan enkel ontslagen worden in overeenstemming met de beschermingsregeling voorzien in de wet van 19 maart 1991. Deze beschermingsregeling voorziet dat de beschermde werknemer enkel ontslagen kan worden indien er sprake is van een ‘dringende reden’ of ‘economische of technische redenen’. Indien de werkgever deze procedure niet naleeft, is een beschermingsvergoeding verschuldigd van twee tot acht jaar loon.

Vermits deze ontslagbescherming van openbare orde is, werd in de rechtspraak aangenomen dat een beschermde werknemer nooit rechtsgeldig afstand kon doen van het recht op een beschermingsvergoeding vanwege de verbondenheid met de beschermingsregeling.

Dit leidde tot ongenoegen, niet alleen aan de zijde van de werkgever, doch ook aan de zijde van de werknemer die bijvoorbeeld aanspraak wou maken op het brugpensioen, hetgeen een ontslaghandeling van de werkgever vereist.

Gaandeweg heeft de rechtspraak zich kritisch opgesteld en is er discussie ontstaan omtrent de aard van de beschermingsvergoeding en de mogelijkheid om er afstand van te doen. Enerzijds is er rechtspraak die het openbare-orde-karakter van zowel de beschermingsvergoeding als de ontslagbescherming erkent. Anderzijds is er rechtspraak die de stelling verdedigt dat het openbare-orde-karakter niet belet dat een beschermde werknemer toch afstand kan doen van de beschermingsvergoeding nadat hij ontslagen werd.

Reeds in 2003 zorgde het Arbeidshof te Gent (12 november 2003) voor een belangrijk keerpunt. Het arbeidshof was van mening dat, hoewel de beschermingsregeling van openbare orde is, de beschermingsvergoeding op zich van dwingend recht is. Dit impliceerde dat een beschermde werknemer na zijn ontslag rechtsgeldig afstand kan doen van zijn recht op de beschermingsvergoeding.

Een volgend belangrijk arrest is dat van het Arbeidshof te Antwerpen. Het arbeidshof oordeelde dat de bepalingen omtrent de beschermingsvergoeding van dwingend recht zijn, hierdoor kan de werknemer afstand doen van de beschermingsvergoeding. Doch deze afstand kan slechts plaatsvinden indien de beschermingsvergoeding definitief en onherroepelijk verworven is.


Wanneer is er sprake van een beschermingsvergoeding die definitief verworven is? Indien vaststaat dat de werknemer niet gereïntegreerd zal worden, meer specifiek in onderstaande gevallen:

- omdat geen reïntegratie gevraagd is binnen de voorziene termijn van 30 dagen volgend op de datum van betekening van de opzegging of de datum van beëindiging van de arbeidsovereenkomst zonder opzegging
- omdat de werkgever een binnen de termijn gevraagd reïntegratie niet tijdig aanvaard heeft
- omdat de werkgever binnen de termijn waarbinnen de reïntegratie kan worden gevraagd uitdrukkelijk de wil heeft geuit niet tot reïntegratie te zullen overgaan.

Nadien bevestigde, na Gent en Antwerpen, ook het Arbeidshof te Brussel (11 mei 2010) deze stelling.

Mede dankzij het arrest van het Hof van Cassatie van 16 mei 2011 blijkt het pleit nu beslecht te zijn. Het Hof komt tot de conclusie dat het openbare-orde-karakter van de wettelijke ontslagbescherming niet tot gevolg heeft dat alle uit die bescherming voortvloeiende rechten de openbare orde raken en niet vatbaar zijn voor afstand door de beschermde werknemer.


Dit impliceert dat, van zodra de werkgever de ontslagprocedure niet nageleefd heeft en de reïntegratie niet mogelijk blijkt te zijn, de ontslagbescherming gefaald heeft. Vanaf dat moment beoogt de beschermingsvergoeding enkel nog het particuliere belang van de werknemer te beschermen. De ontslagen beschermde werknemer heeft vanaf dan zijn recht op de ontslagvergoeding definitief verworven en kan hiervan ook afstand doen.

De praktische gevolgen van deze uitspraak zijn uiteraard niet onbelangrijk.

Aan de zijde van de werknemer kunnen zich twee situaties voordoen:


- Indien de werknemer zijn reïntegratie niet of niet tijdig aanvraagt is het recht op de beschermingsvergoeding definitief verworven ofwel na afloop van de termijn van 30 dagen die volgt op de datum van betekening van de opzegging of de datum van beëindiging van de arbeidsovereenkomst zonder opzegging, ofwel na afloop van de termijn van 30 dagen die volgt op de dag van de voordracht van de kandidaturen indien deze voordracht zich situeert na de datum van betekening van de opzegging of de datum van beëindiging.
- Indien de werknemer zijn reïntegratie wel tijdig aanvraagt, doch de werkgever deze reïntegratie weigert, is het recht op de vergoeding definitief verworven na afloop van de termijn van 30 dagen die volgt op de dag van verzending van de aangetekende brief met het reïntegratieverzoek.


Aan de zijde van de werkgever heeft deze uitspraak tot gevolg dat in situaties waarin partijen willen overgaan tot een afstand van de beschermingsvergoeding ondernemingsraad/comité voor preventie en bescherming op het werk de werkgever rekening dient te houden met volgende termijnen:

- de termijn van 30 dagen volgend op de betekening van de opzegging of op de verbrekingsdatum waarin de werknemer de mogelijkheid heeft om per aangetekend schrijven zijn reïntegratie te vragen.
- de termijn van 30 dagen na de verzending van de reïntegratie-aanvraag.

Pas na afloop van deze termijnen is er sprake van een definitief verworven recht waardoor afstand mogelijk is.

Het Hof van Cassatie brengt met haar arrest van 16 mei 2011 een einde aan de jarenlange discussie. De tendens in de rechtspraak werd bevestigd en de rechtszekerheid inzake deze materie lijkt nu eindelijk een feit: hoewel de ontslagregeling voor beschermde werknemers van openbare orde is, kan er toch rechtsgeldig afstand gedaan worden van de beschermingsvergoeding, die van dwingende aard blijkt te zijn, van zodra het recht op deze vergoeding definitief verworven is.

dotted_texture