01/06/17

Hoofdelijkheid onder de loep.

Overeenkomsten bevatten vaak juridische begrippen waarvan de draagwijdte niet altijd gekend is.  Hoofdelijkheid is daar een typisch voorbeeld van. We lezen vaak in overeenkomsten dat meerdere partijen zich ‘hoofdelijk verbinden’ tot prestatie X of Y. Omdat de betekenis niet altijd gekend is, wordt er dikwijls onvoldoende aandacht aan besteed. Nochtans kan dit belangrijke gevolgen hebben voor de uitvoering van de overeenkomst. Een kritische blik is noodzakelijk.

Wat is hoofdelijkheid ?

Hoofdelijkheid vinden we terug in overeenkomsten waarbij meerdere partijen zich verbinden tot eenzelfde prestatie. Hoewel de prestatie, bijvoorbeeld de betaling van een geldsom,  deelbaar is, heeft de hoofdelijkheid tot gevolg dat alle partijen gehouden zijn tot het geheel. In plaats van elke partij afzonderlijk aan te spreken voor hun deel van de prestatie kan men één partij aanspreken voor het geheel.  De passieve hoofdelijkheid, met name meerdere partijen die gehouden zijn tot één volledige prestatie, komt het meeste voor. Daarnaast is er nog de actieve hoofdelijkheid waarbij meerdere partijen het recht hebben de volledige nakoming van een prestatie door een partij te vorderen.

Een voorbeeld maakt alles duidelijker. Denken we bijvoorbeeld aan een koop-verkoop overeenkomst waarbij er meerdere kopers zijn. Zonder hoofdelijkheid zal de verkoper elke koper afzonderlijk moeten aanspreken voor zijn deel van de koopprijs. Het risico dat één van de kopers insolvabel is, ligt dus bij de verkoper. Als er sprake is van hoofdelijkheid, dan kan de verkoper elk van de kopers individueel aanspreken voor de volledige betaling van de prijs. De verkoper zal zich in principe richten tot de meest solvabele koper. De koper die de volledige prijs heeft moeten betalen, kan zich vervolgens tot zijn mede-kopers richten om elk hun deel terug te betalen. Het risico van de solvabiliteit wordt dus in belangrijke mate verschoven naar de kopers zelf.

Hoe ontstaat hoofdelijkheid ?

In principe moet de hoofdelijkheid tussen partijen uitdrukkelijk overeengekomen worden. Wordt dit niet overeengekomen, dan is de prestatie deelbaar en niet hoofdelijk. Voor handelaars is de situatie anders. Hoofdelijkheid wordt vermoed wanneer zij zich gezamenlijk verbonden hebben. Het moet dus niet uitdrukkelijk zijn opgenomen in de overeenkomst. Dit wordt vaak over het hoofd gezien. Zonder zich ervan bewust te zijn kan de ene handelaar dus gehouden zijn tot de prestatie van de andere. Een aandachtspunt wanneer meerdere handelaars zich in éénzelfde overeenkomst verbinden.

Wederzijdse vertegenwoordiging

De passieve hoofdelijkheid heeft daarnaast nog enkele bijkomende (vaak ongekende) gevolgen. De belangrijkste is dat passief hoofdelijk verbonden partijen geacht worden elkaar wederzijds te vertegenwoordigen. De ene partij kan dus de andere partij verbinden, zonder dat hiervoor een volmacht of machtiging verleend werd. Dit vloeit voort uit de hoofdelijke verbondenheid zelf. Een volmacht of uitdrukkelijke machtiging is niet nodig. Een ingebrekestelling ontvangen door één partij, wordt dus geacht aan iedereen te zijn gericht. Een dading gesloten door de ene partij kan ook de andere partijen verbinden. Wel is er een belangrijke grens: de vertegenwoordigingsbevoegdheid mag niet tot gevolg hebben dat de situatie van de anderen bezwaard wordt. Met andere woorden, een dading mag niet tot gevolg hebben dat de bestaande rechtspositie van de andere partijen verminderd wordt. Hiervoor is hun uitdrukkelijk akkoord nodig.

Conclusie

De hoofdelijkheid is dus een begrip dat verregaande gevolgen kan hebben. Een kritische kijk en opportuniteitsbeoordeling is noodzakelijk.

Thomas Vandersmissen, Lawyer, thomas.vandersmissen@monardlaw.be

dotted_texture